Naoorlogse Panhard-modellen
gezien in musea en tijdens manifestaties
Liefhebbers en musea koesteren de naoorlogse modellen van het automerk dat tot
de pioniers behoorde maar in 1967 ophield te bestaan.

Dyna X (1946-1954) in het Cité de l'Automobile in Mulhouse. Dit model is van na 1950. 2 cilinders, 600 cc, aluminium carrosserie.

De Dyna X in museum Mahymobiles in België. De kofferklep is niet origineel en naderhand aangebracht.

Dyna X 85, bouwjaar 1950, in Automuseum Melle.

Links de tweecilinder boxermotor van de Dyna X.

Een model uit 1951 in het automuseum van Reims.

Dyna Z (1953-1960) in Mulhouse, met 2 cilinders, 850 cc, aluminium koetswerk. De voordeuren sluiten aan de voorzijde.

Dyna Z Tigre uit 1956 tijdens de nationale Oldtimerdag 2024 in Lelystad.

Dezelfde auto bij dezelfde bijeenkomst.

Dyna Z tijdens een oldtimerdag in
Zoetermeer. Let
op de bijzondere ruitenwissers en de mistlamp in de voorbumper.
.
Het instrumentenpaneel is buitengewoon simpel.

Door het aluminium was het koetswerk extra licht. Ondanks de kleine motor, was de Panhard tot goede prestaties in staat.

De carrosserie was aerodynamisch
gunstig gevormd.

De voorzijde scharnierde als motorkap in zijn geheel open.

Dyna Z1 van 1955. In plaats van een extra lamp middenvoor is er een sierstuk.

Voorzijde van de Dyna Z1, bij de bijeenkomst van oude auto's in Lelystad in
2019.

Hetzelfde auto in 2024, maar met
andere wieldoppen, richtingaanwijzers voor en een sierstuk achter het voorwiel.

Panhard Dyna Z omgebouwd tot
stationcar door Pichon Parat, gevestigd in Sens (met dank voor de foto's aan
Daan Hoogendijk).

De auto werd vanuit de auto
gefotografeerd in de buurt van Parijs.

Een PL17 - opvologer van de Dyna Z - in tweekleuren-uitvoering, op de foto gezet bij Classic Park in Boxtel.

Karakteristiek zijn de 'wenkbrauwen' boven de koplampen.

In 1962 kreeg de PL17 een strak getrokken front met richtingaanwijzers naast de koplampen.

Dit exemplaar troffen we aan bij Visscher Classique in Buren.

Het laatste model, de 24ct (1963-1967) op de Auto-RAI 2009, bij de stand over 110 jaar Auto-RAI

Liefhebbers beweren dat de neus
van de DS was afgeleid van die van de Panhard. Oordeel zelf.

Een 24ct in het Cité de
l'Automobile in Mulhouse.

Een 24ct van modeljaar 1964,
aanwezig in Lelystad in 2019.

Nog een model uit datzelfde jaar
1964 bij dezelfde bijeenkomst.

De voorzijde van het bovenstaande model.

Een 24ct in 2024 aanwezig in Lelystad.

Nog een 24ct, dit keer bij de
oldtimerdag in Zoetermeer. Deze wieldoppen werden vanaf 1966 toegepast.

De 24ct van de achterkant. Let op de bijzondere vorm van de C-stijl.

De 24bt was de sedanversie van de
24. Gefotografeerd bij het Concours d'Elégance Apeldoorn 2012.

Het dak was wat langer, maar verder lijkt de auto sterk op de 24ct.

Twee exemplaren van de 24bt tijdens de Franse Autodag in Buren in 2024.

Een karakteristieke vormgeving kan de auto niet worden ontzegd.

Een 24bt in het Eendenmuseum in Andijk.

Een Panhard Junior in het museum van Reims.

Panhard Junior coupé in Mahy Mobiles in Leuze-en-Hainaut

De coupé is geen fabrieksproduct, maar een ombouw door (vermoedelijk) d'Ieteren, een Belgisch carrosseriebedrijf.

Panhard CD (1962-1964), genoemd
naar zijn maker Charles Deutsch. Gefotografeerd in Zoetermeer.

De CD had een koetswerk van kunststof en was ontwikkeld voor racedoeleinden.

Van de zijkant valt de gestroomlijnde carrosserie extra op. De buitenspiegels zijn ook gestroomlijnd. .

Ook bij dit model omvat de motorkap de gehele voorkant.

Een CD te koop bij Classic Remise in Berlijn, in het voorjaar van 2022.

Niet vaak komt een dergelijk model op de markt van klassiekers.

Een opvallend stijlkenmerk: het dak met twee 'bulten'.